Samen met Bert van Ruitenbeek, directeur van Demeter Nederland, reflecteren we op de landcultivatie filosofie van de biologisch dynamische landbouw. De biodynamische landbouwmethode is gebaseerd op een zoektocht naar de balans en de harmonie met jezelf, je omgeving en je plek. Een constante reflectie over de relatie met je(ons)zelf, met de natuur (als geheel) en die met onze de sociaal maatschappelijke omgeving. In de woorden van de biodynamische landbouw gaat het om de ontwikkeling van de mens, de aarde (ons ruimteschip) en je bedrijf. Juist door actief met het leven bezig te zijn, geeft het de ondernemers ruimte voor groei en levensvreugde. Met andere woorden wees je bewust over je eigen persoonlijk leiderschap (in de vorm van visie, droom, reis en strategie) in relatie tot je omgeving. En dan komt er ruimte om een zo groot mogelijk (eco)logische diversificatie op je bedrijf te ontwikkelen met een gezond verdienmodel. En die intentie brengt het web van leven van je land tot wasdom, van de bodem, de biodiversiteit, je (sociale) omgeving en jouw als de cultiveerder, de boer. Allemaal door tijd te nemen om te achterhalen wat de vraag achter de vraag is.
De boer moet vooral investeren in biodiversiteit, te beginnen in de bodem
Platgeslagen kan je stellen dat het gaat over hoe je trouw aan jezelf blijft, hoe je zorgdraagt voor de aarde en je bewust bent over je eigen nalatenschap. En is dat wat ieder persoon en onderneming toch wil nastreven?
En wat opvalt; Deze groep ondernemers neemt veel tijd om de natuur te observeren om de onderlinge samenhang van de losse elementen te begrijpen, en daarmee ook een beetje over zichzelf kunnen te leren. Deze zienswijze vertoont best veel parallellen met de wereld van de kwantummechanica
> Met andere woorden het ontwikkelen van een groter web van leven, vraagt om tijd en heel veel leren om te begrijpen wat er nog ontbreekt. En mogelijk nog belangrijker persoonlijke leiderschap, doorzettingsvermogen en een financiële buffer om de tijd te overbruggen totdat het web van leven tot wasdom komt. En misschien wel is dat ook wel de boodschap dat biodynamisch ons kan leren. Het web van leven tot wasdom brengen, van de bodem, de biodiversiteit en de cultiveerder, de boer.
> Noot: Het werd een gesprek vol met inzichten en doordenkers. Voor mij vroeg het verwerken van het gesprek tijd om de inhoud tot zijn recht te laten komen. Ik merkte dan ook hoe lastig het is om iets wat met het onderbuik gevoel goed voelt, in de juiste woorden uit te drukken. Want inmiddels zijn er zoveel worden die voor iedereen iets anders betekenen, natuur(lijk), (eco)logie, biologie(isch), kringloop, sluiten van cirkels, regeneratief en zo voort. Iedere discipline in de natuurwetenschap heeft zijn eigen definitie vanuit zijn eigen vertrekpunt, terwijl eigenlijk in essentie iedereen het over hetzelfde heeft. Het is dus belangrijk dat de dingen in hun context blijven en te duiden welke mogelijk uit hun context gehaald zijn.
Fijn dat je dit gesprek op Nieuw Voer komt lezen en luisteren.
De podcast kent geen betaalmuur, ik krijg geen kickbacks van Spotify, Youtube en anderen.
De podcast draait op luisteraars (zoals jij) die bereid zijn deze podcast financieel met een klein bedrag te ondersteunen.
Als voorbeeld, een luisteraar doneerde €19,95 omdat dit de prijs was geweest van een goed boek over dat onderwerp.
Een maandelijks abonnement | vanaf €3 per maand
Een eenmalige donatie | met het bedrag wat het je waard is
Dat kan met de onderstaande opties, waar jij je goed bij voelt
– Nieuw Voer website (geen registratie en -factuur)
– Petjeaf pagina (met registratie + factuur)
Hartelijk dank alvast voor je steun en veel lees / luister plezier.
Historie
Het vertrekpunt van biologische (dynamische) beweging vindt zijn oorsprong bij een aantal grootgrondbezitters, boeren, handelaren en artsen toendertijd uit Duitsland, die besloten niet mee te willen gaan in het grootschalige introductie van de chemische kunstmest (en later ook de chemische bestrijdingsverhaal) die rond 1900 dominant werd. Ze hadden een sterk vermoeden dat het gebruik van chemie invloed ging hebben op de bodemvruchtbaarheid en op de gezondheid en vitaliteit van het voedsel zelf. En om hun droom te realiseren zijn ze als collectief niet alleen gaan werken aan een eigen landbouwmethode, maar zijn ze ook hun eigen keten en afzet gaan organiseren. Dit is uiteindelijk het landbouwpraktijk keurmerk geworden van Demeter Internationaal, dat in Europa en dus ook ons land qua normen bovenop het biologische keurmerk (van Skal) komt.
Natuurwetenschapper, filosoof en antroposoof Rudolf Steiner heeft met een serie lezingen de basis gelegd voor de biodynamische landbouwmethode. Zijn belangrijkste invalshoek was dat het belangrijk is om een landbouw bedrijf/ boerderij te zien als een levend organisme waarbij alle onderdelen met elkaar in balans zijn.
In Nederland gaat het op dit moment om 150 bd boeren, wat overeenkomt met 10% van het biologische areaal. De biodynamische bedrijven zijn gemiddeld 65ha groot (ze combineren akkerbouw met veeteelt), waarbij met uitschieters naar 100ha tot 150ha die vooral in Flevoland te vinden zijn. In vergelijking gangbare bedrijven zijn gemiddeld 36ha en zijn over het algemeen niet gemengd, weet Bert me te vertellen.
Samen met de natuur, het kent zoveel namen voor hetzelfde
De biodynamische zienswijze vraagt om veel vernuft, nieuwsgierigheid en begrip van (eco)logische processen om met de natuur mee te bewegen. Bert verwoord dat als volgt: “En als er dus ziekten of plagen zijn dan moet je dat niet bezien vanuit dat ik moet iets aan die plant doen of aan dat dier. Nee, het is belangrijk dat jezelf de vraag gaat stellen wat is er nu uitbalans in het systeem? Want in gezonde vitale systemen zijn plagen eigenlijk altijd beheersbaar, en dat zie je ook terug in de natuur. Dus dat is een heel belangrijke uitgangspunt van de biodynamische landbouw.” En leren van de natuur uit zich ook in het toepassen van verdedigingsmechanismen die de natuur ook gebruikt om zo de infectie/plaag druk beheersbaar te houden.
in gezonde vitale systemen zijn plagen eigenlijk altijd beheersbaar?
En de grote uitdaging van met de natuur meebewegen is om je soms in te houden als ze ineens bijvoorbeeld zwarte luizen ontdekken. De eerste reactie is vaak angst voor verlies van de oogst. Terwijl het belangrijk is om te gaan kijken ‘naar wat gebeurt er nu precies’? En vaak (met een vertraging) komt de oplossing in de vorm van een zwerm insecten die zich op de zwarte luis storten. Belangrijk is dan wel dat je voldoende diversiteit op je eigen bedrijf en in de omgeving hebt om op deze hulp te kunnen vertrouwen. Een deel van het voedsel dat het land geeft, is namelijk ook voor de (eco)logie en het overvloed, als je het goed doet, is eigenlijk voor de mens.
Een aanrader is om de film die dat heel mooi verbeeld en uitlegt is the Big Little Farm van Apricot Lane Farms. Het laat goed zien hoe belangrijk het is om dergelijke vragen te stellen, om tot de juiste oplossing te kunnen komen, en daarmee het natuurlijke systeem nog completer te maken.
“Een balans tussen het plantaardige en dierlijke heb je nodig voor een goede bodemvruchtbaarheid”
En anders kijken heeft ook zijn weerslag op het onderwerp als dierenwelzijn. Je krijgt namelijk andere oplossingen als je vanuit het aard van het dier gaat kijken. Dan pas zie je wat ieder dier werkelijk nodig heeft, aan ruimte, aan gedrag, aan (sociale) borging en voer. En met een meer natuurlijk gedrag zijn de dieren vitaler en gezonder, en neemt het gebruik van antibiotica drastisch af.
> Niet verwant met biodynamisch wel inspirerend zijn de stal concepten van Kipster en Pigster (zie ook het gesprek met Kees Scheepens). Deze succesvollen concepten laten zien dat het mogelijk is om dieren een omgeving te geven die ze verdienen en aansluit bij hun natuurlijke gedrag.
En de natuurwetenschappen helpt steeds om ons onderbuik gevoel met feiten te ondersteunen. Het wordt namelijk steeds evidenter hoe veel intelligentie er in de natuur aanwezig is en hoe sterk de onderlinge verbanden en informatie uitwisselingen tussen de soorten zijn. Bert geeft aan dat bijvoorbeeld het hebben van een kruidenweides de koeien helpt om zelf het juiste medicijn te vinden als ze zich niet lekker voelen. Bert: ” Dus eigenlijk alles wat wij intuïtief verloren zijn als mens (zeker in gezondheid), is gelukkig nog in de natuur terug te vinden. Er zijn zelfs vlinders zijn die bepaalde rupsen zo bewerken dat het voor hun weer als medicijn werkt. De natuur bevat zoveel voorbeelden van haar intelligentie, dat het eigenlijk steeds meer de vraag is hoe intelligent wij, de mens, nou eigenlijk zijn?
Hoe intelligent zijn wij, de mens, nou eigenlijk ?
De stap naar wat de biodynamische landbouw de levenskracht en de geestkracht noemt wordt dan niet zo groot. De wetenschap begint langzaam te laten zien dat deze zienswijze over wat energie is ook daadwerkelijk gemeten kan worden. En veel hiervan blijkt in de kwantum mechanica te liggen. Wat ze in de biodynamische zienswijze geestkracht noemen is terug te voeren over hoe je in het leven staat en de invloed die dat heeft op de keuzes die je maakt. Een goed voorbeeld is dat wanneer een boer gestrest zijn stal ingaat, de koeien dat meteen voelen.
Blijkbaar kan de natuur veel beter afstemmen op hoe iedereen in de wedstrijd staat. En eigenlijk is het in mensen wereld niet anders, ook voelt de omgeving de energie (de intentie) die je op dat moment meeneemt. Dus hoe je in het leven staat heeft veel invloed op hoe de omgeving op jouw inbreng reageert.
“De boer is de waarnemer van de levensprocessen. En dat gaat voorbij aan het stofjesdenken. wat een versmalling en verarming is van wat het leven te bieden heeft”.
Het zweverige, wat soms aan de biodynamische landbouw kleeft, is inmiddels langzaam achterhaald. En dan blijkt toch wel weer dat, wat we je in de natuur observeren, we steeds beter kunnen duiden Bert: “Er is meer dan het direct meetbare, weegbare en zichtbare, dat zijn de levenskrachten die overal aanwezig zijn. De Genius loci, de geest van een plek, zoals we dat noemen”.
De natuur streeft naar de hoogst mogelijke differentiatie
Als je naar de natuur kijkt dan valt het volgende op volgens Bert: “Je ziet dat er in de natuur een enorme kracht van verandering en ontwikkeling bestaat. De natuur streeft een steeds hoger niveau van differentiatie”. En dus hoe hoger de biodiversiteit hoe meer (levens)energie er in dat systeem zit. “En dan gooien wij, als mens, daar monoculturen tegen, dat is zo dwars”. Je kan je bedenken dat dit invloed heeft op de kwaliteit van ons voedsel dat uit die monocultuur komt. En de woorden van Bert: “En die monoculturen die verwerken we tot voedsel, wat levenloos wordt gemaakt doordat het op allerlei manieren wordt bewerkt”. En daar stopt het niet, want wat we in ons lijf stoppen (dus dat wat we eten) voedt vervolgens ook weer het microbioom van onze darmen. “Daardoor wordt ons microbioom steeds eenzijdiger, waardoor er steeds meer microbiome gerelateerde ziektes ontstaan.” Over het microbioom zie ook de podcast aflevering met Marco van Es.
En volgens Bert kun je stellen dat de landbouw om die reden geen industrie kan zijn, want in essentie is het een (menselijke) zienswijze over landschapscultivatie (agri-culture) in samenhang en interactie met de natuur, en dus biologie en daarmee(eco)logie.”
> En als je dit laat indalen dan zou je kunnen zeggen dat een boerenbedrijf eigenlijk een sociaal maatschappelijke activiteit is (juridisch noemen we dat een onderneming. Een social entreprise dus eigenlijk…
> Dus er is wel degelijk iets voor te zeggen dat er een aantoonbaar verschil van energie (levenskracht oftewel weerbaarheid, wat tot uiting komt in de vorm van biodiversiteit) tussen monoculturen en agro-ecologische cultivatie teelten.
> Met andere woorden het ontwikkelen van een groter web van leven (de biodiversiteit en ecologie), vraagt dus om tijd en heel veel leren over wat er nog ontbreekt in het natuurlijke systeem. En mogelijk nog belangrijker persoonlijke leiderschap, doorzettingsvermogen en een financiële buffer om de tijd te overbruggen totdat het web van leven tot wasdom komt. En misschien wel is dat ook wel de boodschap, het tot wasdom komen en misschien wel brengen van de bodem, de biodiversiteit en de cultiveerder, de boer. Het tot wasdom brengen van de boer (hoeder) van de natuur om een de minimale biodiversiteit tot stand te brengen zodat deze zichzelf verder kan verrijken.
> Als we met de processen in ons ruimteschip samenwerken dan wordt het ook interessant om te achterhalen welke invloed de maan heeft op onze aarde (en ons ruimteschip). Wat doet dat met de organismen, het water en onze gewassen? Zie ook het gesprek met Frank Silvis en Maarten van Schijndel
> Het is boeiend te realiseren dat wanneer je meer respect krijgt voor de natuur, je ook meer respect krijgt voor jezelf en je omgeving. En dat dit dus ook iets doet met hoe je in het leven staat en je kijk naar anderen. Meer rust, meer onthasting en de dingen zien zoals ze zijn. En je meer in je eigen kracht komt met persoonlijk leiderschap en een duidelijk visie van hoe jij het wil.
Terug naar de basis, het sluiten van de kringlopen zoals de natuur dat heeft bedacht
Stel dat we de koe als oplossing zien en deze weer terug in zijn natuurlijke kringloop zetten. Door te zorgen dat de koe vooral gras van eigen bedrijf eet en plast en poept in de weide, waardoor er koolstof kan worden opgenomen in de bodem. Wat interessant is te beseffen is dat er in midden van de Verenigde Staten miljoenen bizons hebben geleefd. Deze bizons waren als kuddes verantwoordelijk voor de bemesting en opbouw van de bodems van voor de opbouw soms van meer dan een meter vruchtbare bodem.
> Wat nu als we meenemen hoe de planten hun omgeving cultiveren en in symbiose leven met de dieren (wie heeft dan eigenlijk wie gecultiveerd?) met als gevolg dat er een biodiversiteit opbouw is, om het systeem weerbaarder te maken voor alle organismen.?
> Wat als we ook actief de kleine nuttige dieren (insecten, vogels, wormen etc) ook weer terug in het landbouwsysteem stoppen (denk daarbij aan de houtwallen ed)?
Stel dat je naast plantrotatie ook gaat denken in dier-rotatie. Joel Saltain en Allan Savory (beiden uit de VS) laten zien dat op sommige bodems dier-rotatie (eerst de runderen, dan de kippen en tot slot de varkens) weilanden doen opbloeien. Je zou dus kunnen zeggen dat de bodem naast bemesting van planten (afbraak van plantenmateriaal door insecten en microbes) ook voordeel heeft van dierlijke activiteiten (bemesting, begrazing en massering van de bodem) om gezond te zijn. De bodem wordt dus eigenlijk door zowel dieren als planten gevoed. En met meer plek voor beplanting, is er meer plek voor de insecten, is er meer voedsel voor vogels en kleine dieren en zo wordt het voedselweb van leven steeds diverser en completer. Wat betekend dat dan voor onze huidige kijk en beleid op de biodiversiteit?
Genius loci (“Spirit of a place” of te wel “de geest van een plek” of “de ziel van een plek)
De biodynamische beweging hecht dus veel waarde aan de persoonlijke ontwikkeling en groei van de betrokken ondernemer. Vanuit collegiale toetsing (periodiek bijeenkomsten) wordt veel tijd genomen voor (zelf)reflectie en intervisie. Wat gaat goed en niet goed om je bedrijf ten aanzien van biodiversiteit, bodemvruchtbaarheid, de sociale ontwikkeling en hoe staat je verdienmodel ervoor. Zoals Bert dan verwoord: “Mensontwikkeling, aardeontwikkeling en bedrijfsontwikkeling.” Het is dus een soort van life-coaching met vragen die er toe doen. Wat wil jij hier op dit stukje aarde eigenlijk doen? Wat is nu werkelijk jouw droom?
Want uiteindelijk is het belangrijk dat ieder bedrijf robuust, (sociaal) verbonden is met zijn omgevingen en de streeft naar minimale inputs. En dat vraagt om andere samenwerkingsstructuren (zoals cooperatives) onderling en met de markt. Bert geeft aan dat het best bijzonder is dat bij een van de uitkomsten bij een onderzoek van het Louis Bolk Instituut naar de drijfveren van de BD boeren was dat onze arbeidsvreugde heel belangrijk vinden. En dat de reden is dat de meeste door willen gaan, terwijl vee niet biodynamische boeren overwegen om te willen stoppen.
“Je moet zorgen dat je veel robuuster wordt en veel verbondener bent met je omgeving en veel minder inputs hebt. En dat is eigenlijk allemaal wat wel in dit denken van de BD-laanbouw besloten is”
En dat straalt uit naar de maatschappij. De biodynamische boerderijen trekken een miljoen bezoekers per jaar. “Alleen al de geitenboerderij Ridammerhoeven in het Amsterdamse Bos, trekt meer dan 300.000 bezoekers per jaar. En zo hebben we de Novalishoeve op Texel, Loverendale in Zeeland, de Stadsboerderij Almere, hebben de Lepelaar, hebben Fruituin van West. Allemaal iconische bedrijven die gewoon open zijn voor het publiek.”
Noodzaak van een Level Playing field
In toenemende mate komt uit alle gesprekken bij Nieuw Voer naar voren dat er behoefte is aan een level playing field voor alle landbouw praktijken. Dit helpt om objectief de waarde en bijdrage van de landcultivatie onderling te vergelijken.
En daarin is er een hele belangrijk rol voor de scheidsrechter, namelijk de overheid, die is namelijk verantwoordelijk voor het opstellen en waarborgen van de spelregels.
Bert geeft aan het steeds belangrijker wordt dat Nederland een lange termijnvisie ontwikkeld over hoe we als land overstappen naar een chemievrije voedselketen die goed is voor de mensen, die bijdraagt aan de natuur, die voor schoon water zorgt. Want zoals Bert het formuleert: “Het gaat eigenlijk gewoon om onze veiligheid, niet alleen de voedselveiligheid, maar ook gewoon de milieu veiligheid en daarmee onze leefomgeving”. En daarin is er een hele belangrijk rol voor de marktmeester (soort van scheidsrechter), namelijk de overheid, die is namelijk verantwoordelijk voor het opstellen en waarborgen van de spelregels.
En daar zit schuurt het als het gaat om lokaal versus globaal. Bert licht dat toe: “De invloed van de agro-industrie, de lobby, op de landbouw is tot op de dag van vandaag heel erg groot. En dat betekent dat de maatregelen die over het algemeen politiek worden genomen, niet gunstig zijn voor de biologische en de biodynamische landbouw. Er wordt vaak wel regelmatig lippendienst aan bewezen, maar als het echt gaat om de grote lijnen, dan is het nog steeds zo dat de vervuiler niet betaalt, maar zelfs vaak wordt betaald met fiscale maatregelen.”
“de hele keten zal uiteindelijk moeten meebewegen met de landbouw, want die leveringszekerheid heb je straks niet meer.”
“Maar industrie wil uniformiteit, want dat is hun verdienmodel, uniformiteit betekent meer monoculturen.
Bert ziet dat er uiteindelijk keuzes gemaakt dienen te worden zoals het toepassen van bronheffingen, te weten op krachtvoer, kunstmest en chemie. Dat zijn namelijk de grote inputstromen die Nederland en daarbuiten stukje bij beetje onleefbaar maken.
Ik denk dat je eigenlijk Nederland als een grote stadstuin moet zien.
In de woorden van Bert “wat wij nodig gaan hebben zijn ketens die echt mee gaan bewegen.”Want uiteindelijk is voedsel ons medicijn. En we hebben gezond (en nutrientendicht) voedsel nodig, om onze welvaartziektes het hoofd te bieden. In landen waar de landbouw geïndustrialiseerd is, en er ook steeds meer bewerkt voedsel wordt aangeboden aldus Bert “nemen de welvaartszieken toe. Zo is kanker vervijfvoudigd en neemt het ook sterk toe onder jongeren.
> De crux zit hem erin dat zin moet hebben in de verandering en in de toekomst.!
Zaadvaste rassen vs F1 hybirdes
Ten aanzien van zaden geeft Bert aan dat er een grote lobby gaande is om te voorkomen dat er een etiketteringsplicht komt voorvoedsel dat voortkomt uit genetisch bewerkt zaadgoed. De industrie wil dat niet omdat uit verschillende peilingen komt de Europese burger niet op gentech voedsel zit te wachten.
“eet niets wat je grootmoeder niet als voedsel zou herkennen en wat meer dan vijf ingrediënten die je niet kunt lezen, Michel Pollan, In defence for food”
De rol van steden
Bert ziet dat steden op het moment een voortrekkersrol spelen als het gaat om een meer groenere landbouw en voedselvisie op dit moment. “Ontwikkelingen in de stad hebben historisch gezien altijd een voorspellende waarde voor waar de samenleving naartoe gaat.” Amsterdam heeft bijvoorbeeld een voedselvisie en in allerlei steden is aan de orde dat ze meer biologisch willen inkopen, dat ze ook wel kijken naar van bestemmingsplannen, vergroening, ook voor de hitte, etcetera.
Rigide regels ten aan zien van voedselverwerking / voedselveiligheid
De drang naar grootschaligheid, staat haaks op ambacht en kleinschaligheid. Bert geeft aan dat de regels in hoge mate afgestemd zijn op de hele grote agro ketens. “Kijk, en als er iets in een hele grote keten misgaat, wat betreft voedselveiligheid, bij een unielever-achtig product of wat dan ook, dan neem je inderdaad een risico met heel veel mensen. En als dat die eisen ook voor kleinschalige ambachtelijke verwerkingen gelden, dan is dat veel te rigide.” Het is dus nodig dat de menselijke maat en lokaliteit weer terugkomt, wat haaks staat op de kapitalistische en bureaucratische drang naar centralisatie en uniformiteit
Maar als je alle voedselveiligheidsrisico’s wilt uitbannen, dan tast je ook veel vitaliteit en gezondheid uit. Dan wil je een soort zogenaamd risicovrij leven, maar je krijgt ook veel te steriel voedsel.
Veranderen begint bij jezelf / transitie-denken
Wat mij tijdens het gesprek met Bert opvalt is dat biodynamisch ondernemers veel meer bezig zijn met zichzelf en hun eigen omgeving. En dat juist door samen tijd te nemen om te reflecteren neem je tijd om stil te staan. Stil te staan bij hoe het met jezelf gaat en hoe het met je bedrijf gaat. In de woorden van Bert: “De grootste kracht van ons als mensen is het hebben van dromen en de drang deze te willen realiseren. Stap 1 begint bij het uitspreken van je droom en opzoek te gaan naar inspiratie en leermeesters, die je verder helpen. En belangrijk daarbij is dat je gelooft in wat je doet, zonder voor-oordelen, en dan komt de energie die je erin steekt ook naar je toe. Want vanuit een voorstelling kan je ergens naartoe bewegen, dan ga je dat pad zien.”
Want vanuit een voorstelling kan je ergens naartoe bewegen, dan ga je dat pad zien.
Tot slot, Bert: “En daarom is die onderstroom en die miljoen bezoekers die wij op die boerderijen hebben ook zo belangrijk, dat mensen het zelf zien en ervaren dat het kan. Je kunt onderdeel worden van een levende landbouwcultuur, zoals ik het noem. In het Engels heet het agriculture. Bij ons is woordje culture eraf gevallen. We moeten weer naar een levende landbouwcultuur en dat is leuk. Daar moeten we zin in krijgen, zin in verandering en elkaar daar ook in inspireren.”
Nu je tot hier gekomen wat vindt je van het gesprek?
Heeft het je nieuwe inzichten gebracht?
En ben je bereid de podcast financieel te ondersteunen?
Is het je waard mij maandelijkse te steunen?
Of is een eenmalige donatie meer je ding?
– nieuw voer website (zonder registratie en -factuur)
– Petjeaf pagina (met registratie +factuur)
Dank je voor je steun!
———————–———————–———————–———————–———————–
Nieuw voer is een podcast van Alexander Prinsen waarin hij opzoek gaat naar de transitie in de landbouw. In het dagelijks leven adviseert hij ondernemers anders te kijken naar de realiteit en innovatie met als doel volhoudbare verdienmodellen te realiseren die toekomstbestendig zijn. Meer weten kijk op www.scopematters.com.

Leave a Comment